Verslag Kennissessie ‘Gezond schermgebruik en mediaopvoeding voor zorgprofessionals’

maandag 12 oktober 2026

Kinderen groeien op met schermen en sociale media. Ze beleven er plezier aan, leren ervan en hebben contact met anderen. Tegelijkertijd zijn er zorgen over de invloed op bijvoorbeeld slaap, bewegen en mentale gezondheid. Wat is dan gezond schermgebruik? En hoe help je ouders en kinderen daarbij, zonder zelf alles te hoeven weten van TikTok, Snapchat en andere platforms? Die vragen stonden centraal tijdens de online Kennissessie ‘Gezond schermgebruik en mediaopvoeding voor zorgprofessionals’ op maandag 5 oktober.

Wil je deze Kennissessie liever terugkijken? Dat kan hier.

Moderator Freek Zwanenberg van Bureau Jeugd & Media trapt de sessie af en neemt de deelnemers mee in het programma. Samen met wetenschappers Helen Vossen en Ina Koning, jeugdarts Kelli Tiggelman en experts van Netwerk Digitale Balans duikt hij in de wetenschap én de praktijk.

Gezond schermgebruik is meer dan schermtijd

Maar wat verstaan we eigenlijk onder gezond schermgebruik? Die vraag legt Freek voor aan Helen Vossen en Ina Koning, beiden betrokken bij de ontwikkeling van de Richtlijn Gezond Schermgebruik. “Toen we aan de Richtlijn begonnen, was er eigenlijk nog geen goede definitie van gezond schermgebruik”, vertelt Helen. “Het ging vooral over het verminderen van de hoeveelheid tijd die jongeren aan digitale media besteden. Wij wilden het breder bekijken.”

Want niet ieder uur achter een scherm is hetzelfde. “De inhoud moet bijvoorbeeld passen bij het ontwikkelingsniveau van het kind. Bij jonge kinderen is het belangrijk om media samen met een volwassene te gebruiken. En gezond schermgebruik betekent ook dat er voldoende ruimte overblijft voor dingen als slapen, buiten spelen en leren.”

Je wilt niet dat een kind voor zijn plezier of emotieregulatie volledig afhankelijk wordt van een scherm. Het gaat dus om veel meer dan tijd.

Ook zonder scherm moet een kind zich kunnen vermaken. “Je wilt niet dat een kind voor zijn plezier of emotieregulatie volledig afhankelijk wordt van een scherm. Het gaat dus om veel meer dan tijd. Wat doe je op dat scherm? Wat kijk je? Welke spelletjes speel je? Met wie? En welke functie heeft dat scherm?”

Afspraken maken én betrokken blijven

Ouders spelen daarin een belangrijke rol. Ina: “Samen dingen doen en interesse tonen is belangrijk, op alle leeftijden. Daarnaast zijn ouders natuurlijk een heel belangrijk rolmodel.” Bijvoorbeeld door tijdens een gesprek niet steeds op hun telefoon te kijken.

Vooral voordat mediagebruik een gewoonte wordt, hebben ouders veel invloed. Bijvoorbeeld wanneer een kind een eigen apparaat krijgt. “Maak dan afspraken: wanneer gebruiken we het wel en wanneer niet?” Maar regels alleen zijn niet genoeg. Ina: “Maak die afspraken het liefst samen en blijf betrokken en ondersteunend. Die combinatie van steun en regels is belangrijk.”

Hoeveel schermtijd is gezond?

De Richtlijn Gezond Schermgebruik geeft voor schermgebruik in de vrije tijd concrete adviezen:

  • 0 tot 2 jaar: geen schermtijd
  • 2 tot 4 jaar: maximaal een halfuur per dag
  • 4 tot 8 jaar: maximaal één uur per dag
  • 8 tot 10 jaar: maximaal anderhalf uur per dag
  • 10 tot 12 jaar: maximaal twee uur per dag
  • Vanaf 12 jaar: maximaal drie uur per dag 

Helen benadrukt dat deze tijden vooral houvast bieden. Wetenschappelijk zijn zulke precieze grenzen lastig te onderbouwen. “Het gaat ook om wat een kind op een scherm doet.”

Bovendien verschilt ieder kind. “Het ene kind van tien kan meer hebben dan het andere kind van tien. Het is een Richtlijn. Professionals kunnen zelf het beste inschatten wat een kind nodig heeft.”

Het ene kind van tien kan meer hebben dan het andere kind van tien.

De adviezen gelden voor de vrije tijd. Maar kinderen kijken natuurlijk ook op school steeds vaker naar een scherm. Hoe tel je die uren mee? Daar is nog geen pasklaar antwoord op. Want wat betekent een uur schermtijd thuis als een kind die dag op school al twee uur digitaal heeft gewerkt? Wel zorgt de Richtlijn ervoor dat ook scholen steeds vaker het gesprek voeren over de plek van schermen gedurende de dag.

Kijk naar wat wél kan

Voor professionals zit daar misschien wel de belangrijkste boodschap: kijk naar het kind en het gezin dat tegenover je zit. “Probeer niet te oordelen”, adviseert Ina. “Er zijn ontzettend veel verschillende gezinnen en verschillende kinderen. Soms wordt een scherm gewoon ingezet. Ouders hebben daar hun eigen redenen voor.”

En mediaopvoeding begint veel eerder dan bij de eerste smartphone, vult Helen aan. “Welke rol spelen media in het leven van je kind? Gebruik je een scherm bijvoorbeeld voor emotieregulatie of als babysitter? Dat is niet per definitie verkeerd, maar wees je ervan bewust.”

De hele Richtlijn van A tot Z volgen hoeft dus ook niet. Ina: “Sluit aan bij wat belangrijk en haalbaar is voor dit gezin. Niet: dit moet en dit moet. Maar vooral: wat kan hier wél?”

Je hoeft geen TikTok-expert te zijn

Hoe vertaal je die kennis vervolgens naar de spreekkamer? Volgens jeugdarts Kelli Tiggelman kan mediagebruik bij allerlei onderwerpen een rol spelen: van verzuim en mentaal welbevinden tot eetproblematiek en lichamelijke klachten. “Je bent al professional. Je hoeft je vak niet opnieuw te leren, je voegt er een nieuw stukje aan toe.” Het belangrijkste is volgens Kelli dat professionals eraan denken om ook naar de online leefwereld te vragen. Daarvoor hoef je geen expert te zijn.

Je bent al professional. Je hoeft je vak niet opnieuw te leren, je voegt er een nieuw stukje aan toe.

Kelli vertelt over een zestienjarige jongen die veel verzuimde en erg opstandig tegenover haar zat. Door nieuwsgierig door te vragen, ontdekte ze dat hij online in contact was gekomen met iemand met wie hij beter geen contact had kunnen hebben. Iets waar hij zich erg voor schaamde.

“Als je nieuwsgierig bent en niet oordeelt, kom je daar uiteindelijk wel”, vertelt Kelli. Daarbij helpt het om je eigen ongemak te relativeren. Misschien voel jij je als professional onzeker omdat je niet precies weet hoe TikTok of Snapchat werkt. Maar de jongere tegenover je vindt het gesprek mogelijk nog veel spannender.

Kelli maakt haar eigen gebrek aan kennis daarom soms juist expliciet. “Dan zeg ik bijvoorbeeld: ik zit wel op TikTok, maar ik weet er echt niet zoveel van als jij. Leg het mij eens uit. Wat doe je daar? Wat kom je tegen? Wat vind je er fijn aan?” Haar belangrijkste advies? “Stel je open en laat je aannames niet in de weg zitten.”

Kijk verder dan wat je ziet

Dat die nieuwsgierigheid nodig is, blijkt ook uit de video van Laurine die in de sessie wordt getoond. Sociale media brengen haar veel: contact met anderen, motivatie om te sporten en handige informatie. Maar ze kent ook de andere kant: “Na een lange schooldag denk ik soms dat ik rust vind op mijn telefoon. Maar ik heb ervaren dat ik mezelf juist overprikkel en me daarna veel slechter kan concentreren.”

Een kind met woedeaanvallen, dat ongeïnteresseerd lijkt: dat kan van alles zijn. Maar het kan óók iets zijn wat het kind de avond ervoor op zijn telefoon heeft gezien.

Haar oproep aan professionals: kijk verder dan het gedrag dat je ziet. “Een kind met woedeaanvallen, dat ongeïnteresseerd lijkt: dat kan van alles zijn. Maar het kan óók iets zijn wat het kind de avond ervoor op zijn telefoon heeft gezien.” En vooral: vraag ernaar. “Als je er niet over praat, wordt de afstand steeds groter, terwijl wat er online gebeurt gewoon doorgaat.”

‘Er is altijd iets wat goed gaat’

Wat als het schermgebruik echt ongezond is? “Soms moet je ingrijpen. Dat is ook je vak”, zegt Kelli. Toch begint ze liever bij wat wél goed gaat. “Daar ga ik eerst naartoe. Vanuit daar kijken we samen: hoe kunnen we groeien?”

Ook oplossingen legt ze niet meteen op tafel. “Ik kan iets bedenken wat helemaal niet past bij degene tegenover mij. Dus stel ik vragen: wat zou bij jou passen?” Het doel is vooral dat iemand na het gesprek denkt: hier kan ik iets mee.

Van Richtlijn naar gesprek

Om zulke gesprekken makkelijker te maken, zijn verschillende praktische hulpmiddelen beschikbaar. Een daarvan is de Mediadiamant, die tijdens de sessie wordt toegelicht door Anouk Tuijnman en Maaike Drok. De Mediadiamant bestaat uit zes vlakken: samen, voorbeeld, balans, plezier, inhoud en veilig. Maaike: “Het model helpt om eenvoudig uit te leggen wat gezond schermgebruik allemaal inhoudt. Het onderdeel ‘voorbeeld’ maakt ook het mediagedrag van volwassenen bespreekbaar. Gezond schermgebruik begint bij jou.”

Professionals kunnen het model bijvoorbeeld gebruiken als gespreksstarter of voor een rollenspel. Daarnaast zijn er brochures en korte gespreksstarters met herkenbare situaties. De Mediadiamant is nadrukkelijk geen checklist die helemaal moet worden afgewerkt. Maaike: “Je voelt als professional zelf wel aan: dit is misschien precies wat hier nu nodig is.”

Maak de online leefwereld bespreekbaar

Je hoeft niet te weten welke TikTok-trend vandaag rondgaat. Je hoeft Snapchat niet te begrijpen en je hoeft al helemaal niet ieder platform zelf te gebruiken. Je moet er wél naar vragen. Wat doet een kind online? Waar wordt het blij van? Wat komt het tegen? En wat vindt het lastig? Maak die online leefwereld net zo vanzelfsprekend onderdeel van het gesprek als school, vrienden, sporten en slapen. Want soms vertelt wat er áchter het scherm gebeurt veel meer dan het aantal uren ervoor.


Een vraag die tijdens de sessie niet aan bod kwam, maar wel veel gesteld wordt, is hoe de De Richtlijn Gezond Schermgebruik zich verhoudt tot het ouderinitiatief Smartphonevrij Opgroeien. Namens Jouwkindonline.nl vertelt redacteur Geert van der Veen hier iets over.

‘Beide hebben tot doel dat kinderen gezonder opgroeien met schermen. Toch zijn het verschillende soorten initiatieven.‘

    • De Richtlijn is een advies op basis van wetenschappelijk onderzoek dat kijkt naar ál het schermgebruik van kinderen, niet alleen naar de tijd. Wat doet een kind op het scherm, met wie en waarom? 
    • Smartphonevrij Opgroeien is een ouderbeweging rondom één centrale boodschap: stel de smartphone uit, bij voorkeur tot 14 jaar.

‘Waar de Richtlijn aangeeft dat een leeftijd voor de eerste smartphone niet wetenschappelijk te onderbouwen is, pleit Smartphonevrij Opgroeien juist voor wettelijke leeftijdsgrenzen.’

‘De Richtlijn adviseert wél om geen sociale media te gebruiken onder de 13 jaar, maar is niet voor een verbod. Ook waarschuwt de Richtlijn dat een (te hoge) leeftijdsgrens kansen kan wegnemen om digitale vaardigheden te leren.’


Wil je deze Kennissessie liever terugkijken? Dat kan hier.

Lees meer

Laat een reactie achter

Vul je e-mailadres in om op de hoogte te blijven van reacties (je e-mailadres wordt niet gepubliceerd).

Reacties worden eerst goedgekeurd door de redactie.