Verslag Mediawijsheid Kennisdag 2026: jouw mening telt

woensdag 13 mei 2026

Juist in deze onrustige tijden van crisis, polarisatie en anti-democratische krachten waarin we worden overstroomd met informatie, is het belangrijker dan ooit een onderbouwde mening te kunnen vormen. En daar is mediawijsheid voor nodig. Met die boodschap gaven dagvoorzitters Floortje Jansen en Geert van der Veen vast een voorproefje van wat het publiek te wachten stond: een dag vol uitwisseling van kennis, expertise en ervaring om samen aan die missie te kunnen werken. Hier lees je het verslag van de Mediawijsheid Kennisdag 2026: een dag vol inspiratie.

Op maandag 11 mei kwamen honderden professionals samen in Beeld & Geluid in Hilversum voor hét jaarlijkse netwerkevenement van Netwerk Mediawijsheid. Het thema van dit jaar: ‘Jouw mening telt.’ De aanwezige mediacoaches, pedagogen, ontwikkelaars, beleidsmakers, onderzoekers, sociaal werkers, communicatoren en onderwijzers hebben allemaal hetzelfde doel: van elkaar leren en samen werken aan een mediawijze samenleving, waarin iedereen een gegronde mening kan vormen.

Jouw mening telt

Na de opening is het woord aan Mary Berkhout-Nio, directeur van Netwerk Mediawijsheid. Zij neemt het publiek mee in haar passie: “Een mening vormen is als zingen in een koor”, legt ze uit. “Je moet goed luisteren, alles afwegen, nieuwsgierig zijn naar nieuwe geluiden en weten wat bij jou past.” Als samenleving moeten we het samen uitzingen – er is veel vorm te geven. Oók online. “Online zijn er ontzettend veel schreeuwers, valse boventonen of mensen die afhaken. En in een koor heb je alle stemmen nodig. Hoe zorgen we dat die kakofonie verandert in samenzang?”

Mary Berkhout-Nio

Keynote: Ayca Szapora over hoe onze hersenen te beïnvloeden zijn

Op interactieve en humoristische wijze neemt zelfrealisatiecoach Ayca Szapora ons mee op ontdekkingsreis door ons brein. Mensen willen hun eigen gedrag graag veranderen, maar dat is niet makkelijk. Waarom eigenlijk?

In prikkelende interactieve stukjes laat Ayca zien hoe onze hersenen werken. Bewust nadenken kost veel energie en daarom doet ons brein er alles aan om dat zo min mogelijk te hoeven doen. We maken aannames, denken in patronen en vormen met een shortcut een mening; vaak al in 0,2 seconden. De overgrote meerderheid (99 procent!) van wat we doen wordt aangestuurd door ons onbewuste brein. Ook zijn we gevoelig voor herhaling: hoe vaker je iets hoort, hoe sneller je het gelooft.

Ayca neemt het publiek verder mee in de drie delen van de hersenen:

  • Het reptielenbrein (onderste deel van de hersenen): dit deel gaat over het gevoel van veiligheid. Niet weten wat iets is, zorgt voor het basisinstinct om iets als bedreiging te zien. Veiligheid is de basis van verandering.
  • Het zoogdierenbrein (middelste deel): hier zitten je emoties. Je hersenen stellen continu de vraag: wat brengt iets me en wat kost het me? Alles wat moeite kost, doet zeer. Dat maakt gedragsverandering moeilijk. Wil je echt verschil maken? Zorg dan dat je gewenste handeling zo eenvoudig mogelijk wordt. Zo geef je je hersenen al een zetje in de goede richting.
  • De neocortex (bovenste deel): dit deel helpt bij het nadenken, plannen maken en overziet de risico’s. Nadenken is handig, maar niet altijd. Creativiteit ontstaat juist bij ontspanning van je mind. 

Om mensen echt te bereiken en iets te kunnen veranderen, moet je alle drie de delen aanspreken. Er moet vertrouwen zijn, plezier of eenvoud en het doel moet duidelijk zijn. Pas dan komt je boodschap écht aan.

Ayca Szapora


Ayca eindigt haar keynote met een belangrijke les: “Onthoud vooral twee woorden: als en dan. ‘Als’ is iets wat al bestaat, dan is een hele kleine verandering. Is je doel bijvoorbeeld minder drinken, dan wordt je gedachte: als ik een glas wijn wil, dan bestel ik eerst een thee. Grote veranderingen kun je niet in één keer voor elkaar krijgen. Maar één procent per keer, dat lukt nog wel.” 

Programmalijnen

Na de inspirerende keynote van Ayca introduceren drie wetenschappers het vervolg van de dag. De deelnemers gaan aan de slag in de programmalijn van hun keuze. Elke lijn begint met een inhoudelijke introductie door een spreker, gevolgd door minimaal één interactieve sessie. Er is ruimte om ervaringen te delen, nieuwe inzichten op te doen en samen te denken over concrete oplossingen binnen een gedeeld maatschappelijk thema. 

Binnen elke programmalijn is ook ruimte voor een bezoek aan het interactieve plein waar je interactieve installaties beleeft en kennismaakt met een aantal interventies. VR Learning Lab, Dropstuff, Bibliotheek Helmond en Gemeente Amsterdam laten onder andere zien hoe zij bezig zijn met de online leefwereld (van jongeren). Te zien is alles van een Roblox-game over de manosphere tot een offline kunstexpositie over online invloeden.

Programmalijn 1: Een gegronde mening

Om een gegronde mening te kunnen vormen heb je goede informatie nodig. AI, desinformatie en de snelheid waarin informatie zich verspreidt, maken het lastiger om je goed te informeren. Hoe zorgen we dat iedereen dat toch kan doen?

Deze programmalijn start met een plenaire opening en keynote-lezing van Gelijn Werner, projectleider en platformeconoom bij Commisariaat van de Media, en Josien Boetje, docent-onderzoeker didactiek van kritische AI-geletterdheid en informatievaardigheden aan de Hogeschool Utrecht.

Naar een democratisch gezondere feed
Het Commissariaat voor de Media lanceert een rapport over aanbevelingsalgoritmes van social media. Het onderzoek kijkt hoe een socialemedia-feed het proces van democratische meningsvorming beïnvloedt. Een feed bepaalt wie wat te zien krijgt. Handig, maar er zijn risico’s: 

  • Verdienmodel: sociale media werken met advertentiemodellen. Wat de aandacht trekt, levert geld op; ook als dat bedenkelijke inhoud is.
  • Informatievrijheid: je bent als gebruiker beperkt in wat je ziet.
  • Mediazichtbaarheid: sociale media onderdrukken zichtbaarheid van nieuwsmedia. Nieuwsmedia gaan meebewegen met de algoritmes. 
  • Nieuwswaarneming: door feeds kunnen we blootgesteld worden aan giftige en onnauwkeurige informatie. 

Maar er zijn kansen voor verbeteringen. Met een speciaal ontwikkelde routekaart komen algoritmes meer in het belang van vrije en democratische meningsvorming.

Gelijn heeft een belangrijke boodschap aan het netwerk: er zijn heel veel manieren om algoritmes (feeds) te verbeteren. Waar een wil is, is een weg. Het is belangrijk te bedenken wat we zelf kunnen doen als toezichthouder. Maar we moeten ook, via beleid, met de platformen aan de slag.

Blijven leren met AI
Wat doen technologische ontwikkelingen met ons cognitieve vermogen? Via een interactief testje deelt Josien een belangrijke boodschap: we moeten onze hersenen blijven gebruiken om scherp te blijven. We hebben wel onze eigen onafhankelijke kennis en mening nodig.

Josien Boetje

Daarvoor moeten we AFI toepassen:

  • Aandacht: doe de dingen met aandacht, wees je bewust van je AI-gebruik.
  • Frictie: frictie helpt om uit onze eigen bubbel te stappen en vanuit verschillende perspectieven te kijken. Laat AI bijvoorbeeld altijd antwoorden met een tegenvraag waar je zelf op verder denkt. 
  • Inzicht: waarom gebruik ik eigenlijk AI? Hoe doe ik dat?

Ook hierin kan de Als-dan-methode uit de openingskeynote helpen: Als ik AI wil gebruiken > dan denk ik eerst 30 seconden na voor ik de prompt instuur.

AI kan jouw werk vervangen, maar ook aanvullen of zelfs verrijken; mits je de frictie blijft opzoeken.

Leren van de praktijk
Na de lunch verdelen de deelnemers zich over drie workshops:

  • Jouw plek in het ecosysteem van nieuws en informatie: Ili Ma, onderzoeker aan de Universiteit Leiden, vertelt over haar onderzoek rondom het effect van misinformatie op jongeren en hun informatiebeoordeling. Hun nieuws komt primair van social media. Als professionals moeten we ons bewust zijn dat wat jongeren zien erg afhankelijk is van wat er speelt in de maatschappij. Met een praatplaat over het ecosysteem van nieuws- en informatiewijsheid stimuleert Patricia van Rijswijk, specialist Medialogica en nieuwswijsheid bij Beeld & Geluid, de deelnemers in gesprek te gaan om te kijken hoe we dit samen aan kunnen pakken. 
  • Wikken en weten: onderzoekers Jelle Slief en Anne-Floor Scholvinck, van het Rathenau Instituut, deden onderzoek naar de relatie tussen vertrouwen in de wetenschap en het geloof in misinformatie op sociale media. Dat blijkt sterk samen te hangen. Gebruik van social media en vertrouwen in de wetenschap hebben geen direct verband. De relatie tussen sociale media en het geloof in misinformatie ligt ingewikkelder. Het ligt eraan wie je bent en wat je leeftijd is. Verschillende doelgroepen bereiken, vraagt verschillende aanpakken, bijvoorbeeld via ouderavonden, werkgevers, buurthuizen en bibliotheken.
  • Van nieuwsmijding naar nieuwswijsheid: Kiki de Bruin, onderzoeker en docent journalistiek aan de Hogeschool Utrecht, deelt inzichten uit haar onderzoek naar nieuwsmijding en de spanning tussen geïnformeerd blijven en de impact van (negatief) nieuws. Annejet Brandsma, Sara Visser en Jael Ragowan, van Human / Rewind, geven vanuit daar een inkijk in hoe zij met mediawijze producties nieuwswijsheid vergroten en inzetten op minder doomscrollen en meer perspectief. Wel eens nieuwsmijden is niet per se erg, maar kan de kloof tussen journalistiek en delen van de samenleving wel vergroten. Door te begrijpen waardoor mensen wel of niet afhaken, kunnen we daarop inspelen.

Programmalijn 2: Ongehoorde meningen

Veel mensen doen niet mee aan het online debat, haken af of worden structureel niet gehoord. Hoe zorgen we ervoor dat we het online publieke debat inclusiever, rijker en meerstemmiger kunnen maken?

Mediapedagoog Berber Chaqan Broekstra leidt de programmalijn in: het internet kent een binair meningenveld; de werkelijkheid is veel veelzijdiger. “Om iemand met een andere mening te begrijpen, moet je leren luisteren. Maar hoe doe je dat, zonder meteen een oordeel te geven? Als je weer écht luistert, voelt de ander zich gehoord. Dan pas kun je doorvragen.”

Prikkelende columns
Na de opening delen vijf columnisten hun perspectief op ongehoorde meningen:

  • Mariëtte van Huijstee, onderzoekscoördinator Digitalisering bij het Rathenau Instituut: digitale technologie en een select groepje ‘techbro’s’ bepalen in toenemende mate onze handelingsruimte. Hoe meer mensen op de techbro’s lijken, hoe minder frictie ze in deze processen ervaren. Meer verschil betekent moeilijkere interactie. Er is een inclusief ontwerpproces nodig, juist met mensen die niet alle ‘zeven vinkjes’ (Joris Luyendijk) hebben. Mediawijsheidprofessionals kunnen mensen helpen de media leren begrijpen. (Mariëtte’s bijdrage wordt z.s.m. aangevuld.)
  • Amma Asante, voorzitter Commissariaat voor de Media: mediawijsheid is voor nu de meest duurzame oplossing tegen alle risico’s van social media en digitale ontwikkeling. Een verbod op social media kan wél helpen in het creëren van bewustwording, normstelling en het op gang krijgen van het gesprek. De media raken ons allemaal. Het is onze taak dat ze betrouwbaar en veilig zijn. Download hier Amma’s bijdrage (PDF).
  • Piek Knijff, filosoof: vandaag de dag bestaat er ook een online wereld waar we elkaar ontmoeten. Maar sociale media kapen onze conversaties, sturen ze een bepaalde kant op en maken een goed gesprek onmogelijk. Pieks advies: kom vaker van dat scherm af of kies een platform dat macht niet inzet in de curatie van wat je te zien krijgt. Download hier Piek’s bijdrage (PDF).
  • Merlijn Twaalfhoven, componist, schrijver en ontwerper: online wordt veel en snel geoordeeld. Het is een plek van competitie. Merlijn schetst een prikkelende situatie: zou er een ‘rijbewijs’ nodig zijn voor social media? Dat je er pas op mag als je mediavaardig bent en de kennis hebt om media in te zetten op een manier die goed voor je is? Download hier Merlijn’s bijdrage (PDF).
  • Kim Erkens, projectmanager Cybersoek, en ervaringsdeler Sylvia: digitalisering bepaalt welke stemmen versterkt worden en welke naar de achtergrond verdwijnen. Een samenleving wordt kwetsbaar wanneer grote groepen mensen zich ongehoord en ongezien voelen. Wat zegt dat over de samenleving die wij online aan het bouwen zijn?


Verdiepende workshops
Tot slot verdelen de deelnemers zich over twee workshops: 

  • Ode aan het Stille Midden: Merel Zuiderduin en Kevin Hengstz, van onderzoeksbureau Motivaction, deden onderzoek naar media en vrijetijdsbesteding; onder andere bij de Week van de Mediawijsheid 2025. Polarisatie ligt vaak veel genuanceerder, de massa zit in het midden. Veel Nederlanders blijven ongehoord in gesprekken over digitale mediagebruik. Het interactieve deel van de workshop focust op hoe je die groep kunt bereiken. In kleine groepjes bespreken deelnemers een mogelijke aanpak. Sociale kantelpunten en het Digitality-model van Motivaction, een indeling van verschillende groepen mediagebruikers, staan hierin centraal.
  • De Democratische Code in Actie: Aniek van Son, Adviseur Educatie Volwassenen (Digitale Geletterdheid en Digitaal Burgerschap) bij Probiblio, onderzoekt hoe organisaties het maatschappelijke debat en digitaal burgerschap kunnen versterken. Daarvoor gebruikt ze de Democratische Code: waarden en uitgangspunten waar een organisatie voor staat. Het is geen blauwdruk, maar een kompas dat ondersteunt bij het voeren van een meerstemmig gesprek.

Programmalijn 3: Radicale meningen

Online krijgen uitgesproken en radicale ideeën, zoals toxic masculinity, complotdenken of extremisme, veel aandacht. Hoe kunnen we jongeren helpen tegenwicht te bieden aan het groepsproces van radicalisering en polarisatie?

Freek Zwanenberg, directeur Bureau Jeugd & Media, opent de programmalijn met een verkenning op social media: wat kom je daar tegen? En wat is eigenlijk radicaal? Een interessante connectie met de keynote van Ayca: een socialemediabericht is zelf niet altijd extreem; kleine stapjes leiden samen tot radicalisering.

Radicalisering onder jongeren
In een keynote vol actuele voorbeelden biedt Stijn Sieckelinck, lector Youth Spot, Jongerenwerk aan de HvA, inzicht in hoe jongeren online radicaliseren. Online komen zij niet alleen gewone meningen tegen, maar ook extreme: zwart-witte boodschappen zonder ruimte voor discussie of twijfel. Dat kan leiden tot normalisering van haat of discriminatie, polarisatie, een verslechterde mentale gezondheid en zelfs radicalisering of (steun voor) geweld. 

Stijn identificeert zes verschillende extreme meningen:

  • Politiek-extremistische meningen
  • Vrouwenhaat en extreem seksisme
  • Complotdenken
  • Haat tegen specifieke groepen
  • Religieus extremisme
  • Extreem fatalisme en nihilisme 

In een leeftijdsfase waarin identiteitsontwikkeling een grote rol speelt, kunnen sterke rolmodellen aantrekkelijk zijn. Gewone ontwikkelingvragen raken onder invloed van het ervaren van onrecht, miskenning en gebrek aan perspectief gekoppeld aan sterke wij-zij-verhalen en verharding. Hoe de omgeving van jongeren daarop reageert, is cruciaal. Stijn constateert een belangrijke taak voor iedereen in het netwerk: ga actief in gesprek over idealen. Vraag wat jongeren online aantrekt, neem hun woede en idealen serieus en gebruik online voorbeelden als vertrekpunt. “Zorg dat je de online wereld van jongeren kent, en besef ook dat die geen deel uitmaakt van jouw wereld.”


Een verdiepend gesprek
In een panelgesprek gaat Stijn door op hoe we jongeren kunnen helpen deradicaliseren. Dat doet hij samen met Tewatha Muller, jongerencoach en specialist online gedrag, en Clemens Streng, stedelijk coördinator aanpak polarisatie. Ook zij zien hoe extreme meningen vat krijgen op jongeren, elkaar versterken en worden meegenomen naar het schoolplein. Groepsdruk speelt hierin een grote rol. Er is heel weinig ruimte voor afwijkende meningen. Jongeren durven elkaar niet tegen te spreken, maar hebben hier ook geen handvatten voor. Ruimte bewaken voor andersdenkende en pluriformiteiten is essentieel, en dat moeten we samen doen. “We zijn allemaal opvoeders, it takes a village”, is Tewatha’s conclusie. We kunnen niet willen dat het beter gaat met de jeugd zonder daar zelf in te investeren en ook ons eigen gedrag te durven bevragen. Ga het gesprek aan en betrek jongeren bij de oplossingen.

Depolariseren in het gesprek
De programmalijn wordt afgesloten met een interactieve workshop van Martine Hogewerf, agressietrainer, Transactionele Analyse-expert, docent en schoolopleider. Samen met trainingsacteur Shey Amer begeleidt Martine het publiek in gesprekstechnieken om te depolariseren, bijvoorbeeld in de klas.

Voorwerk over de dynamiek in een groep is hierin essentieel. Waar zitten bijvoorbeeld de pushers? Degene die zonder moeite hun mening delen. En wie horen bij het stille midden? De mensen die onder druk worden gezet om te kiezen. Met duidelijke gedragsregels vooraf bewaak je de veiligheid in de gesprekken.

Binnen de techniek worden de deelnemers meegenomen in drie verschillende fases:

  • Fase 1: zaaien. In deze fase mag iedereen laten weten hoe diegene over een onderwerp denkt. Luisteren, samenvatten en doorvragen staan centraal, zonder op elkaar te reageren. Aan de gespreksleider de taak om alle meningen gehoord te laten worden, maar ook reacties te begrenzen.  
  • Fase 2: kweken. Deze fase focust op wederzijds begrip. De gespreksleider stimuleert deelnemers om onderling vragen te stellen om dichter bij elkaar te komen. Een zoektocht naar het verhaal achter de mening. Waar liggen raakvlakken en waar schuurt het? 
  • Fase 3: oogsten. In deze fase zorgt de gespreksleider voor een beschouwende afronding. Alle voorbijgekomen nuances worden benoemd. Belangrijk is om niet te eindigen met twee uiterste ideeën, maar een spectrum van verschillende meningen.

Martine eindigt de workshop met belangrijke tips: oefen met zachte onderwerpen en bouw op naar zwaardere thema’s. Kijk hoe gesprekken worden ervaren, praat na als dat nodig is. De truc zit in het veel doen en laten zien dat alle stemmen mee mogen doen. Leerlingen weten niet altijd hoe ze een goed gesprek voeren, maar de wil is er wel.

Een tevreden terugblik

Aan het einde van de dag blikken dagvoorzitters Floortje Jansen en Geert van der Veen terug. Met een zaal vol tevreden gezichten toasten zij op alles wat er is gezien, gehoord en uitgewisseld. Kennisdelen stond deze dag centraal, en dat doet Netwerk Mediawijsheid het hele jaar door. Met online inspiratiegidsen kunnen de deelnemers verder gaan op hun thema of zich verdiepen in de programmalijnen die zij niet hebben kunnen volgen.

What a time to be alive

Elten Kiene, spoken word-artiest, presentator, organisator en mede-oprichter van Woorden Worden Zinnen, sluit af met een krachtige spoken word-performance. Een inspirerende, licht confronterende blik op de grote rol die de online wereld speelt in ons dagelijks handelen. What a time to be alive, luidt zijn boodschap. Een passend en verbindend slotakkoord van een dag vol verdieping, ontmoeting en inspiratie.

Lees / bekijk ook

Laat een reactie achter

Vul je e-mailadres in om op de hoogte te blijven van reacties (je e-mailadres wordt niet gepubliceerd).

Reacties worden eerst goedgekeurd door de redactie.